Een kwart eeuw nachtportier van Hotel American

1885: Het nachtleven van Coenraad La Grouw is begonnen

 

Nachtportier Coenraad La Grouw ontvangt McLeod en zijn bruid Margaretha Zelle, de latere Mata Hari. De afbeelding is uiteraard gefingeerd. Het had zo maar kunnen zijn.

Amsterdam, 1885. Het was een jaar dat de stad zich warmde aan nieuwe grandeur. Aan de Stadhouderskade rees het kolossale Rijksmuseum op, een gebouw dat met zijn torens en rode baksteen de trots van een natie moest verbeelden. Duizenden Amsterdammers kwamen kijken toen het museum zijn deuren opende. Sommigen vonden het bombastisch, anderen indrukwekkend. Maar één ding stond vast: Amsterdam had er een baken van cultuur bij.

Aan de overzijde van de stad, bij het bruisende Leidseplein, begon voor Coenraad La Grouw een ander avontuur. Op 2 april 1885 trad hij in dienst als nachtportier van het American Hotel. Hij begon hier zijn loopbaan als portier bij het grote bijzondere gebouw, in een tijd dat het hotel nog pril en statig was, pal naast de Stadsschouwburg. Voor Coenraad, die een zwaar bestaan als conducteur achter zich liet, betekende dit een zekere rust – maar geen eenvoudige taak.

Van conducteur tot portier

Het werk als conducteur had hem gehard. In wind en regen moest hij zich langs rijdende wagons bewegen, een levensgevaarlijke bezigheid. Het was mogelijk in die tijd dat hij, reizend tussen steden, zijn tweede vrouw Johanna van Haaren leerde kennen. Zij kwam uit Rotterdam. Zijn eerste vrouw, Antje Proper, was kort na de geboorte van hun zoontje Willem gestorven in 1882. Het verdriet had hem gebroken, maar niet kapotgemaakt. Het leven ging verder, en met Johanna kreeg hij nieuwe warmte en drie kinderen: Johanna Wilhelmina, Coenraad en Willem.

Het hotel als in een toneelspel

 

Hotel American in 1885. Bron: Beeldbank Amsterdam.

Het American Hotel was meer dan een plek om te slapen. Reizigers uit binnen- en buitenland stapten er binnen. Na een voorstelling in de Stadsschouwburg dronken acteurs en artiesten een glas in het café. De stad maakte sprongen richting moderniteit: de paardentram, de elektrische verlichting, en het Rijksmuseum dat bezoekers trok die elders logeerden – vaak ook in het American Hotel.

De nacht na de opening van het Rijksmuseum

De avond van 13 juli 1885 viel langzaam over het Leidseplein. De stad gonsde nog van de drukte van die dag. Overal had men gesproken over de officiële opening van het Rijksmuseum door de minister. Koning Willem III weigerde de opening te verrichten. ,,Ik ga geen voet in dat klooster zetten,’’ zo zei de koning. Architect Pierre Cuypers nam de honneurs waar en opende het Rijksmuseum. Althans, als je van een opening kon spreken.

Laat op de avond arriveerde een stel elegante gasten in het hotel, duidelijk nog opgetogen. Hun ogen schitterden, alsof ze nog altijd onder de indruk waren van wat ze die middag gezien hadden. De heer legde zijn wandelstok naast de balie en zei glimlachend:

“Wat een dag, mijn beste! We hebben de Nachtwacht gezien, niet meer verscholen in de oude dependance, maar in een zaal die het werk alle ruimte geeft. Alsof Rembrandt zelf weer onder ons is!”

De dame naast hem knikte. “En al die gangen, die trappen… het licht dat viel op de schilderijen. Het leek wel alsof wij door de geschiedenis wandelden. En zóveel bezoekers! Er waren zelfs mensen uit het buitenland.”

Coenraad luisterde aandachtig, terwijl hij hun bagage aannam en de sleutel van hun kamer overhandigde. Hij zei niet veel, maar voelde trots. Trots dat zijn stad nu zo’n museum bezat, en dat hij, als nachtportier van dit hotel, getuige mocht zijn van de verhalen van gasten die erbij waren geweest.

Toen hij later die nacht, alleen in de stille lobby, de lampen doofde, dacht hij aan hun woorden. Hij stelde zich de zalen voor, gevuld met schilderijen en beelden, en een mensenstroom die sprak over kunst en schoonheid. Hijzelf zou misschien niet als eerste de trappen van dat museum beklimmen, maar door de verhalen van zijn gasten maakte hij het toch een beetje mee.

Tien jaar later

Foto van Margaretha Zelle en de Britse officier McLeod.

Het was een warme zomermiddag in juli 1895 toen een koets voor het American Hotel stilhield. Coenraad, inmiddels tien jaar trouw op zijn post als portier, herkende de spanning die zulke aankomsten altijd meebrachten. Hij rechtte zijn uniformjas en opende de zware deur.

Uit de koets stapte een jonge vrouw, nog geen twintig. Haar ogen straalden, maar achter die glans school ook een zweem van onzekerheid. Naast haar stond een forse man in officiersuniform, een zekere Rudolf MacLeod, pas getrouwd met de jonge Margaretha Zelle – de wereld zou haar later leren kennen als Mata Hari.

Coenraad boog licht en nam de koffer van de koetsier aan. Hij zag hoe de bruid haar sluier voorzichtig optilde en een blik wierp op de verlichte lobby. Er ging een rilling door hem heen: zo vaak had hij pasgehuwden ontvangen, maar dit gezelschap leek anders. De officier sprak kordaat, commandeerde haast, terwijl zij met gracieuze bewegingen zijn arm volgde.

“Welkom in het American Hotel,” zei Coenraad met rustige stem, terwijl hij hen de sleutel overhandigde. De officier knikte kort. De jonge vrouw schonk hem daarentegen een vriendelijke glimlach, vluchtig maar warm, alsof zij even zocht naar iemand die haar begreep in deze nieuwe wereld waarin ze plots terechtgekomen was.

Toen Coenraad later, alleen in de nacht, de gastenlijst naliep, bleef zijn blik even hangen bij hun namen. Hij wist niet dat deze jonge vrouw ooit zou uitgroeien tot een van de meest besproken figuren van haar tijd. Voor hem was ze slechts een bruid op haar eerste nacht, een voorbijganger in het grote toneel van het Leidseplein.

Maar soms, als hij in latere jaren terugdacht aan die avond, herinnerde hij zich haar glimlach. En vroeg hij zich af of zij, net als hijzelf, toen al voelde dat er in haar leven iets groters lag te wachten.

Of hij ooit Mata Hari heeft gezien, toen zij in 1895 haar huwelijksnacht in het hotel doorbracht, blijft een raadsel. Het zou best kunnen dat zij, in bruidsgewaad en verwachtingsvol, de lobby passeerde waar Coenraad op zijn post stond. Zulke momenten verdwenen in de stilte van de nacht, net als zoveel andere verhalen die nooit opgeschreven werden.

Jubileum

Vijfentwintig jaar later, in 1910, stond in De Tijd een klein berichtje over Coenraad. Op 2 april hoopte hij zijn zilveren jubileum te vieren – een unieke gebeurtenis, want geen ander personeelslid van het hotel had dat eerder meegemaakt. Hij was geliefd bij gasten en collega’s, altijd vriendelijk, altijd trouw aan zijn post. De stad was in die jaren veranderd: het hotel was in 1902 herbouwd in Jugendstil, met golvende lijnen en weelderige details, een gebouw dat nog steeds monumentaal is. Coenraad paste erbij, als een vaste waarde in een stad die almaar woelde.

In november 1911, slechts een jaar na zijn jubileum, overleed Coenraad aan een kortstondig ziekbed. Op zijn overlijdensakte stond eenvoudigweg “huisknecht” – een omschrijving van zijn nachtdienst, zijn stille arbeid. Hij liet Johanna en zijn kinderen achter, en een reputatie van trouw en plichtsbesef.

Wie was Coenraad La Grouw

Coenraad La Grouw werd in 1852 geboren als de zoon van Willem La Grouw en Maria Jesse. Zijn grootvader was de in Naaldwijk geboren, Jan La Grouw, die zijn geluk zocht in Amsterdam. Coenraad trouwde in 1882 met Antje Proper in een jaar die uitermate verdrietig voor hem verliep. Zowel zijn vrouw als hun pasgeboren kindje Willem overleden in datzelfde jaar.

Coenraad vond gelukkig zijn tweede grote liefde, Johanna van Haaren, met wie hij in 1885 trouwde. Samen kregen zij drie kinderen, Johanna, Coenraad en Willem. Na hun 25-jarig huwelijksfeest overleed Coenraad onverwacht in 1911. Zijn vrouw stiierf 27 jaar later. 

Parenteel van Coenraad La Grouw

1 Coenraad La Grouw is geboren op 24-09-1852 in Amsterdam, zoon van Willem La Grouw en Maria Jesse. Coenraad is overleden op 14-11-1911 in Amsterdam, 59 jaar oud. Coenraad:

(1) trouwde, 29 jaar oud, op 15-02-1882 in Amsterdam met Antje Proper, 20 jaar oud. Antje is geboren op 22-03-1861 in Nieuwendam. Antje is overleden op 20-12-1882 in Amsterdam, 21 jaar oud.
(2) trouwde, 31 jaar oud, op 20-02-1884 in Amsterdam met Johanna Maria van Haren, 27 jaar oud. Johanna is geboren op 04-12-1856 in Den Haag. Johanna is overleden op 24-11-1938 in Haarlem, 81 jaar oud.
Kind van Coenraad en Antje:

1 Willem La Grouw [1.1], geboren op 09-12-1882 in Amsterdam. Willem is overleden in 1883 in Amsterdam, 0 of 1 jaar oud.

Kinderen van Coenraad en Johanna:

2 Johanna Wilhelmina La Grouw [1.2], geboren op 27-11-1885 in Amsterdam. Johanna is overleden op 19-04-1910 in Amsterdam, 24 jaar oud.
3 Coenraad La Grouw [1.3], geboren op 25-09-1889 in Amsterdam. Coenraad is overleden op 29-12-1900 in Amsterdam, 11 jaar oud.
4 Willem La Grouw, geboren op 03-04-1892 in Amsterdam. Volgt 1.4.

1.4 Willem La Grouw is geboren op 03-04-1892 in Amsterdam, zoon van Coenraad La Grouw (zie 1) en Johanna Maria van Haren. Willem is overleden op 19-01-1951 in Haarlem, 58 jaar oud. Willem trouwde, 25 jaar oud, op 09-01-1918 in ’s Gravenhage met Catherina Langius, 25 jaar oud. Catherina is geboren op 03-02-1892 in Harlingen. Catherina is overleden op 02-02-1970 in Santpoort, 77 jaar oud.

Kinderen van Willem en Catherina:

1 Wilhelmina Johanna La Grouw [1.4.1], geboren op 13-04-1919 in Amsterdam. Wilhelmina is overleden.
2 Lucianus La Grouw [1.4.2], geboren op 13-03-1921 in Amsterdam. Lucianus is overleden op 10-04-2004 in Oegstgeest, 83 jaar oud.
3 Coenraad Maria La Grouw, geboren op 10-07-1922 in Amsterdam. Volgt 1.4.3.
4 Elizabeth Maria La Grouw [1.4.4], geboren op 18-07-1924 in Amsterdam. Elizabeth is overleden op 18-05-2018 in Heiloo, 93 jaar oud.
5 Willem Maria La Grouw [1.4.5], geboren op 07-11-1926 in Amsterdam. Willem is overleden op 20-02-2002 in Haarlem, 75 jaar oud.

1.4.3 Coenraad Maria La Grouw is geboren op 10-07-1922 in Amsterdam, zoon van Willem La Grouw (zie 1.4) en Catherina Langius. Coenraad is overleden op 18-07-2005 in Nuenen, 83 jaar oud. Coenraad trouwde, 25 jaar oud, op 10-02-1948 in Haarlem met Adriana Jacoba Maria Emans, 26 jaar oud. Adriana is geboren op 13-08-1921 in Nuenen. Adriana is overleden op 15-01-2015 in Nuenen, 93 jaar oud.
Gegenereerd met Aldfaer-versie 12.0 op 23-10-2025 09:51:42

Bronnen:

www.rijksmuseum.nl
www.delpher.nl
www.mijnfamilieverleden.nl
www.wikipedia.nl

 

Loading

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *