Hendrikje droomt van ander leven in een veranderende stad
De jonge Hendrikje, geboortenaam Hendrika Susanna Katté, geboren in 1845, woonde rond 1870 als dienstbode in Amsterdam aan de Buitensingel nummer 55. Het huis, dicht bij de waterkant van wat nu de Nassaukade heet, bood onderdak aan meerdere dienstmeiden. De kamers waren klein en sober ingericht, maar de straat eromheen stond vol leven. Paardenkoetsen ratelden voorbij, kinderen speelden langs de kade, en er werd druk gewerkt aan het moderniseren van de stad.
Hendrikje werkte hard en verdiende weinig. Maar soms, op een vrije middag, zocht ze de frisse lucht en de groene ruimte op. De stad was vol roet en drukte, maar er was één plek die rust en een vleugje verfijning bood: het Nieuwe Park, zoals het in 1865 bij de opening heette. Twee jaar later kreeg het de naam die tot vandaag is blijven bestaan: het Vondelpark, genoemd naar de dichter Joost van den Vondel, wiens standbeeld in 1867 plechtig werd onthuld.

Trouwfoto van Ger en Hendrikje in het Vondelpark, 1879. Natuurlijk is deze foto niet echt. Maar het zou zo maar kunnen zijn geweest.
Het was voor Hendrikje een belevenis om daar voor het eerst binnen te wandelen. Het grind knerpte onder haar schoenen, de lanen waren breed en sierlijk aangelegd, en overal stonden jonge bomen die de belofte van een groene long in de stad in zich droegen. Ze keek haar ogen uit naar de deftige dames met hoepelrokken en heren met wandelstokken die langzaam flaneerden. Voor een dienstbode als Hendrika was dit een wereld die normaal ver buiten bereik lag, maar het park was openbaar: ook zij mocht hier genieten van de frisse lucht.
Misschien was het op zo’n wandeling dat zij Ger ontmoette, een jonge man uit een ander milieu, zoon van een metselaarsknecht. Hij heette officieel Gerrit Hendrik de Kruijf, was bloemist in wording, iemand met liefde voor planten, een vak dat in die tijd nog betekende dat je handelde in bloembollen en kamerplanten. Misschien viel zijn oog op de manier waarop Hendrikje de bloeiende rododendrons langs de vijver bekeek. Het was een eerste blik, een stil besef.
Concerten

Concert in het Vondelpark, ongeveer 1900. Foto is ingekleurd en bewerkt. Bron: Stadsarchief Amsterdam.
Het Vondelpark bood in die jaren ook muziek. Vanaf 1874 stond er een muziektent, waar militaire kapellen en harmonieorkesten op zonnige dagen concerten gaven. Je kon er gratis luisteren, zittend op een bank of gewoon staand langs de paden. Voor Hendrikje moet dit een moment van vrijheid zijn geweest: muziek in de open lucht, zonder de zorgen van het huishouden of de dienst.
In het park tekende zich ook de sociale hiërarchie van de stad af. De rijkere Amsterdammers reden in rijtuigen langs de lanen, terwijl arbeiders en dienstboden te voet gingen. Maar toch, op die groene plek was iedereen samen – de grandeur van de stad, maar ook de eenvoud van mensen die een paar uur rust zochten.
Jaren later, toen zij in 1879 met Ger trouwde, moet Hendrikje vaak teruggedacht hebben aan die eerste wandelingen. De lanen, de muziek, het gevoel van ademruimte in een stad die steeds voller en drukker werd. Voor haar kinderen, Corrie, Hendrikje en Evert, was het park wellicht ook een plek van zondagse uitstapjes – een traditie die vele Amsterdammers deelden.
Zo werd het Vondelpark, net als voor zoveel anderen, voor haar een decor waarin persoonlijke geschiedenis en stedelijke vernieuwing elkaar raakten. Een plek van eerste ontmoetingen, van dromen, van een glimp van een ander leven in een stad die altijd in beweging was.
Het verleden even in het heden

Louis Paul Zocher
Het is een zwoele zomeravond, ergens in de jaren 1878. Hendrikje wandelt met Ger – inmiddels verloofd – door het park. De avondluisteraars zijn verzameld rond de licht beschenen muziekkoepel, een kleine gietijzeren constructie op een eilandje in de vijver, in 1873 ontworpen door Louis Paul Zocher, zoon van de beroemde landschapsarchitect Zocher. Er klinkt een harmonieorkest: de tonen van koperblazers weerkaatsen over het water.
Hendrikje – gekleed in haar beste rok, een eenvoudig doch net exemplaar – staart naar de glinsterende instrumenten. Eerder was zo’n muziekuitvoering iets waar alleen de welgestelde burgerij naar luisterde; nu staat zij hier, ademloos in de schemering, een deel van die betovering. Misschien is het hier dat zij Ger hand stevig vastpakt – een gedeeld moment van schoonheid en vooruitzicht.
De muziekkoepel van het Vondelpark werd in 1873 gebouwd en in 1874 voor het eerst gebruikt voor concerten. Open luchtmuziek was dus al in Hendrikje’s jonge jaren een publiekstrekker. Dat versterkte de publieke toegankelijkheid en culturele beleving van het park – ook voor dienstboden zoals zij.
De winter van 1884
Zes jaar later. Het is winter rond 1884. De vijvers van het Vondelpark zijn bevroren, en kinderen rijden voorzichtig over het ijs met simpele sledes of schaatsen – een zeldzaamheid onder ‘echte dames’, maar toch mooi om te zien. Hendrikje wandelt met Corry, vier jaar oud over de paden, dik ingepakt. Hendrikje is gelukkig. Corry genie
Hendrikje voelt een diep geluk: de kinderen genieten in de buitenlucht, ongeacht hun t, Hendrikje ook. Ze herinnert zich haar eerste keren in het park, met Ger als jonge bloemist en zij als dienstbode. Nu zijn ze een gezin – midden in de stad, maar verbonden met deze publieke, groene ruimte.
Rond 1884 waren openbare concerten al populair, en winterplezier op de bevroren vijvers kwam geregeld voor, ook al was het uitzonderlijk dat ‘echte dames’ er op schaatsen te zien
Samengevat

Kaart van Amsterdam 1877. Uitgelicht het Vondelpark. Het Vondelpark lag nog buiten de bebouwde stad. Bron: Stadsarchief Amsterdam.
Het park ontstond uit een particulier initiatief: in 1864 richtten vooraanstaande Amsterdammers, onder wie CP van Eeghen, de ‘Vereeniging tot Aanleg van een Rij- en Wandelpark’ op. De aanleg begon al in 1865.
De ontwerpers, de Zochers, creëerden een park in Engelse landschapsstijl: slingerende paden, heesters, vijvers, en romantische doorkijkjes.
• In 1867 werd het standbeeld van Joost van den Vondel onthuld, waarna het park officieel de naam Vondelpark kreeg.
• Rond 1877 was het park grotendeels voltooid in zijn huidige vorm, met ongeveer 47 hectare.
• Aanvankelijk was het park onder beheer van de particuliere vereniging; pas in 1953 werd het overgedragen aan de gemeente Amsterdam.
Wie was Hendrikje Katté?
Of haar naam echt Hendrikje was, kon niet worden achterhaald. Haar officiële naam is Hendrika Susanna Katté. Hendrikje is een veel voorkomende roepnaam van Hendrika in de 19e eeuw. Maar misschien werd ze ook gewoon Hendrika genoemd. Zij is de dochter van Johannes Katté en Susanna Appels en werd geboren in 1842. Zij trouwde in 1879 met Gerrit Hendrik de Kruijf en zij kregen drie kinderen: Corry, Hendrika en Evert.
Bronnen:
![]()